Kai Ken
De tijgerhond van Japan: effen geboren, streep voor streep getekend.
Kerngegevens
| Grootte | Middelgroot · 45–53 cm |
| Gewicht | 11–25 kg |
| Levensverwachting | 12–15 jaar |
| Energie | Hoog — gebouwd voor lange dagen op steil terrein |
| Verharen | Sterk in de rui — twee zware ruiperiodes per jaar |
| Vacht | Harde dubbele vacht · zwart gestroomd, bruin gestroomd of rood gestroomd |
| Groep | Spitsen en oertypes (FCI-standaard nr. 317, Groep 5) |
| Herkomst | Kai province (Yamanashi Prefecture), Japan |
Raskenmerken
Vriendelijkheid
Verzorging
Brein
Karakter
De FCI-standaard vat de Kai samen in twee woorden: scherp en zeer alert. In het dagelijks leven betekent dat een hond die alles binnen gehoorsafstand registreert, zich hard hecht aan één of twee mensen en zich bij bezoek terughoudend opstelt zonder onbeleefd te worden. Hij is stiller dan de meeste honden van zijn formaat en zoekt niet snel ruzie. Het oude werk op wild zwijn deed hij in groepsverband, en de standaard schrijft het aan dat groepsinstinct toe dat het ras zuiver bleef; veel Kai's gaan dan ook beter met andere honden om dan de Shiba of de Kishu. Wat wél helemaal intact is, is het jagen. Alles wat klein is en wegschiet krijgt hij in het vizier, en een Kai die besluit dat er een route ligt, neemt hem ook — over een hek of tegen een helling op waarvan jij dacht dat het een muur was. Met iemand die hij vertrouwt werkt hij graag mee; voor de rest is hij Oostindisch doof.
Gewoontes & eigenaardigheden
Gaat eroverheen, niet eromheen
Rotswanden, schuine stammen, tuinhekken. De spronggewrichten van de Kai zijn gemaakt om te klimmen, en hij gebruikt ze op alles waar een voet op past. Daarom hebben fokkers het over hoogte en ondergraven voordat ze het over iets anders hebben.
Gaat graag het water in
Veel Kai's zwemmen uit zichzelf en steken midden in de jacht een rivier over in plaats van het spoor kwijt te raken. Reken op een hond die een plas water gewoon bij de wandeling vindt horen.
Blijft bij zijn mens
Hij kiest een kleine kring en loopt daar in huis achteraan, met een half oog op de deur. Zijn genegenheid is niet uitbundig, maar wel constant.
Peilt de andere hond eerst
Kai's werkten in groepen en de meeste taxeren een vreemde hond voordat ze reageren. Rustig kennismaken levert hier meestal iets op, en dat geldt lang niet voor elke Japanse oerhond.
Verzorging
| Beweging | Anderhalf uur echt terrein per dag past hem het best: heuvels, sleeplijnen, speurspelletjes, water. Rondjes over vlak asfalt maken een Kai verveeld en vindingrijk. |
| Vachtverzorging | Wekelijks borstelen houdt de harde bovenvacht en de dichte ondervacht in orde, dagelijks tijdens de twee grote ruiperiodes, wanneer de ondervacht er in lappen uitkomt. Hij ruikt nauwelijks en hoeft zelden in bad. |
| Training | Belonend, kort en gevarieerd. De Kai leert snel en werkt graag voor iemand die hij hoog heeft zitten, maar hij haakt af bij eindeloos herhalen en bij elke vorm van dwang. Socialiseer vroeg en breed, en vertrouw je hier-komen nooit in de buurt van reeën. |
| Gezondheid | Een van de gezondere Japanse rassen. Vraag fokkers naar heup- en patella-onderzoek en een oogverklaring; de genenpoel is klein genoeg om ook naar de diepte van de stamboom te kijken. |
Veelgestelde vragen
Is een Kai een realistische eerste hond?
Voor de meeste mensen niet. Hij is makkelijker in huis dan een paar van zijn neven en oprecht gehecht aan zijn gezin, maar hij heeft dagelijks stevige beweging nodig, een omheining die ruim boven ooghoogte uitkomt, geduldige training op basis van belonen door iemand die niet in een koppigheidswedstrijd meegaat, en een baas die vrede heeft met een hond die beleefd is tegen vreemden in plaats van blij. Door het jachtinstinct is loslopen buiten omheind terrein hier geen realistische optie. Beginnende eigenaren met tijd, ruimte en een goede trainer redden het; wie een makkelijke gezinshond zocht, niet.
Verandert de tekening van mijn Kai-pup nog?
Vrijwel zeker. Kai's worden bijna effen geboren, meestal donker, en de streping vult zich in naarmate de vacht volgroeit — de FCI-standaard noemt het als kenmerk van het ras. Fokkers zien het doorgaans drie tot vijf jaar duren voor de tekening vaststaat, en de vacht wordt onderweg vaak donkerder, zodat een aka-tora-pup uiteindelijk als chu-tora door het leven gaat. Beoordeel de volwassen hond, niet die van acht weken.
Hoe moeilijk is een Kai buiten Japan te vinden?
Moeilijk. De Kai Ken Aigokai schrijft zo'n 800 tot 900 pups per jaar in, vrijwel allemaal in Japan, en export is traag werk in handen van een handjevol mensen. In Europa en Noord-Amerika draait het om een paar fokkers en wachtlijsten die in jaren worden gemeten. Wie je snel en goedkoop een Kai-pup aanbiedt, verkoopt iets anders.