Mastín del Pirineo
De wolvenhond van Aragón: wit, gemaskerd, en zonder bovengrens.
Kerngegevens
| Grootte | Reuzenras · vanaf 77 cm (reuen) / 72 cm (teven), geen bovengrens |
| Gewicht | 60–100 kg · reuen 70–100, teven 55–80 — de standaard noemt geen gewicht |
| Levensverwachting | 10–12 jaar |
| Energie | Laag tot gemiddeld — patrouilletempo, geen sportprogramma |
| Verharen | Sterk in de rui — dikke vacht, zware seizoenswisselingen |
| Vacht | Borstelig, 6–9 cm op de rug · wit met donker masker en bijpassende platen |
| Groep | Molossers · bergtype (FCI-standaard nr. 92, Groep 2) |
| Herkomst | Aragonese Pyrenees, Spanje |
Raskenmerken
Vriendelijkheid
Verzorging
Brein
Karakter
De FCI-standaard is ongewoon warm over deze hond: vriendelijk tegenover mensen, kalm, nobel en zeer intelligent, en tegelijk moedig en fier tegenover vreemden, voor wie hij nooit wijkt. De regel die eigenaren het vaakst aanhalen gaat over andere honden — goedaardig, en zich bewust van zijn grotere kracht — en die klopt in de praktijk. De meeste Pyrenese mastiffs laten een klein hondje zijn punt maken en gaan er niet op in. Vecht er eentje wél, dan zegt de standaard dat hij met grote vaardigheid vecht en noemt dat een atavisme uit eeuwen wolvenwerk. In het dagelijks leven is dit een hond die uren ligt te kijken, opstaat als er iets verandert, en dat laat weten met een blaf die diep uit de borst komt. Hij laat zich beter trainen dan de meeste kuddebewakers en de standaard zegt dat ook, met de woorden makkelijk africhtbaar. Wat van hemzelf blijft, is de bewaakbeslissing: hij zoekt uit wie er is aangekomen en wat dat betekent, en dan vertelt hij het jou.
Gewoontes & eigenaardigheden
Het masker is niet optioneel
Witte grondkleur, een donker masker dat scherp afgetekend moet zijn, en platen in diezelfde kleur, zonder patroon over de hond verdeeld. De oren dragen altijd vlekken, de staartpunt en de onderbenen blijven wit, en een strak omlijnde rand aan de platen pleit voor de hond. Egaal wit zonder masker, of platen die zo vaag zijn dat ze in het wit vervagen, zijn allebei diskwalificaties.
Een vacht die je kunt opmeten
De standaard legt de liniaal midden op de rug: 6 tot 9 cm is ideaal, onder de 6 of boven de 11 is een fout, en 4 cm of minder — net als meer dan 13 cm — diskwalificeert. De structuur hoort borstelig te zijn en niet wollig, langer op hals, schouders, buik en de achterkant van de benen, en lang en zacht aan de staart, die eindigt in een pluim met een haak aan de punt.
Weet wat hij weegt
Vreemde honden worden bekeken en niet beantwoord. Het ras werkte in gezelschap van andere honden en rond de kuddes van anderen, en de meeste volwassen dieren dragen daar een soort trage tolerantie van mee. Schuchterheid is het niet; de standaard zegt met zoveel woorden dat de hond weet wat hij zou kunnen en er meestal geen reden voor ziet.
Meldt vroeg, en van ver
Bewaken draait hier op stem en positie, ruim voordat er iets anders aan te pas komt. De hond gaat tussen het huis en de aanloop staan, kijkt, en zet een diepe blaf in terwijl wat hij hoorde nog een heel eind weg is. Je buren merken dit eerder op dan jij.
Verzorging
| Groei gaat voor beweging | De eerste twee tot drie jaar is dit een bouwproject en geen atleet. Houd jonge honden weg van geforceerde wandelingen, herhaalde trappen en springen, voer een grootrasvoeding volgens het schema van je dierenarts in plaats van onbeperkt bij te vullen, en laat het skelet op eigen tempo dichtgroeien. Een volwassen hond wil een uur rustig wandelen per dag, het liefst met wat helling erin, en verder weinig. |
| Vachtverzorging | Borstel de borstelige vacht wekelijks, vaker tijdens de twee zware ruiperiodes, en controleer de pluimstaart, de bevedering achter de voorbenen en de plooien van de keelwam op klitten en vocht. Scheer hem nooit: de vacht werkt net zo goed tegen hitte als tegen kou. Bij een hond van dit formaat horen ook nagels en voeten in de gaten gehouden te worden, want hij zal je niet vertellen wanneer er iets pijn doet. |
| Omheining en bezoek | Hij kiest een grens en houdt die, dus je hek moet echt iets voorstellen en loslopen in het openbaar is geen optie. Socialiseer breed en vroeg en ga daar na het eerste jaar mee door, en ontvang bezoek met de hond buiten het hek in plaats van mensen naar binnen te laten lopen. Belonend trainen werkt hier goed en dwang niet; een hond van tachtig kilo die geleerd heeft tegen te sputteren, win je niet met je handen terug. |
| Gezondheid en kosten | Vraag vóór alles om heup- en elleboogonderzoek bij beide ouders — in Nederland loopt dat via de Raad van Beheer — plus een oogcontrole: de standaard beschrijft een licht slap onderooglid in rust, en zowel entropion als ectropion komt in het ras voor. Maagtorsie is het risico dat bij die diepe borst hoort, dus verdeel de maaltijden en leer de signalen herkennen. Reken ook eerlijk: voer, narcose, verzekering en pension schalen allemaal mee met het lichaamsgewicht, en tien tot twaalf jaar is kort voor dat geld en die band. |
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil met een Pyrenese Berghond?
Hetzelfde gebergte, de andere kant ervan, en twee losse rassen. De Pyrenese Berghond is het Franse ras, FCI nr. 137: lichter gebouwd, overwegend wit, en volgens zijn standaard verplicht voorzien van dubbele hubertusklauwen aan elk achterbeen. De Mastín del Pirineo is de Spaanse en specifiek Aragonese hond, FCI nr. 92, en het zwaardere, mastiffachtige dier van de twee — grotere kop, brede hals, een duidelijke dubbele keelwam, en een ondergrens van 77 cm voor reuen tegenover het kleinere frame van de Fransman. In levenden lijve is kleur het snelste kenmerk. Een Pyrenese Berghond mag helemaal wit zijn; een Mastín del Pirineo niet, want het donkere masker is verplicht en het ontbreken ervan diskwalificeert. Met de hubertusklauwen is het net andersom: hier mogen ze enkel, dubbel, afwezig of verwijderd zijn, en ze tellen alleen als het tussen twee gelijkwaardige honden gaat.
Kan hij in een huis zonder vee?
Dat kan, en het hangt veel meer van het huishouden af dan van het aantal vierkante meters. De bewaakdrift wacht niet op schapen; zonder kudde wijst de hond gewoon jouw gezin en jouw grens aan. Wat hij echt nodig heeft is een goed omheind stuk grond dat hij als het zijne mag beschouwen, een uur wandelen, een baas die zijn hele leven de kennismakingen blijft regelen, en buren die ver genoeg wonen om met een diepe blaf in de nacht te kunnen leven. Een huis met een tuin en een toegewijde eigenaar gaat prima. Een appartement met een gedeeld trappenhuis en een stroom onbekende mensen is zo ongeveer de slechtste plek die er is, en wie voor het eerst een hond neemt en een makkelijke grote gezinshond zocht, kan beter verder kijken.
Hoe lang duurt het voor hij volwassen is?
Twee tot drie jaar om lichamelijk uit te groeien, en vaak langer om geestelijk tot rust te komen. Dat is normaal voor een reuzenmolosser en het overvalt mensen toch. Een hond van zes maanden is al groot genoeg om een volwassen mens per ongeluk te verplaatsen en heeft nog het beoordelingsvermogen van een pup, dus de training moet klaar zijn ruim voordat het formaat er is. Het bewaakinstinct gaat ergens in het tweede jaar aan, meestal als een verandering in hoe de hond met aankomst omgaat en niet als één dramatisch voorval. Wie het socialiseren en de omgangsvormen vooraan in het leven legt, krijgt een makkelijke volwassen hond. Wie wacht tot hij vanzelf volwassen wordt, krijgt een puber van tachtig kilo met een mening.