Hollandse Smoushond
De stalhond die in 1949 uitstierf en via de krant werd teruggevonden.
Kerngegevens
| Grootte | Klein · 37–42 cm (reuen) · 35–40 cm (teven) |
| Gewicht | 7–11 kg |
| Levensverwachting | 13–14 jaar, vaak langer |
| Energie | Gemiddeld — een wandelhond, geen hardloper |
| Verharen | Laag — de harde vacht wordt geplukt, niet geruid |
| Vacht | Ruw, draadhard, 4–7 cm · alleen strogeel, donkerstro het liefst |
| Groep | Pinschers en schnauzers · schnauzertype (FCI-standaard nr. 308, Groep 2) |
| Herkomst | Amsterdam, Nederland |
| FCI-groep | 2 — Pinschers en schnauzers, molossers en Zwitserse sennenhonden · FCI 308 |
Raskenmerken
Vriendelijkheid
Verzorging
Brein
De Hollandse Smoushond in cijfers
De meest gezochte cijfers van de Hollandse Smoushond — prijs, levensduur, gewicht, verharing en kleuren, op één plek.
Minder gangbaar: reken op een wachtlijst en wat reizen naar een goede fokker, wat de prijs opdrijft. De vaste kosten blijven beperkt: hij eet weinig en de gewone dierenartskosten liggen aan de lage kant. De vacht moet daarnaast om de paar weken naar de trimmer: een echte kostenpost.
We noemen geen vast bedrag: de echte prijs hangt af van fokker, regio, bloedlijn en gezondheidstests — en uit het asiel kost hij een fractie van een fokkersnest. Adopteren is bijna altijd de goedkoopste route.
Karakter
De FCI-standaard vraagt om een hond die aanhankelijk, vriendelijk en vrijmoedig is, levendig zonder nerveus overactief te zijn, en niet snel bang. Die laatste bijzin doet echt werk: wie het ras vanaf 1973 opnieuw opbouwde had bijna niets om uit te kiezen en weigerde tóch door te fokken met zenuwachtige honden, en dat zie je terug in wat de Nederlandse clubs nu melden. De meeste Smoushonden zijn open naar bezoek in plaats van waaks, makkelijk met andere honden, en geduldig met kinderen die niet ruw zijn. Ze zijn gevoelig voor toon, dus een verheven stem kost je meer dan hij oplevert. Wat onaangetast uit de stal is meegekomen, is de belangstelling voor ratten. Heggen, schuurtjes en het gat achter de bank worden nagelopen, en een hamster of een huiskonijn moet achter een deur wonen.
Gewoontes & eigenaardigheden
Geel of niets
De standaard laat effen geel in elke tint toe, met een voorkeur voor donkerstro, en staat toe dat oren, snor, baard en wenkbrauwen donkerder geel lopen. Elke andere kleur is ongewenst. Er bestaat geen zwarte Smoushond en geen gestroomde, wat het ras ongewoon makkelijk herkenbaar maakt en ongewoon makkelijk slecht na te maken.
Gebouwd om bij te blijven en dan te stoppen
Het werk was urenlang naast een rijtuig draven en daarna de stal doen. Dat levert een hond op met echt uithoudingsvermogen op een wandeling die binnen volledig uitschakelt, en daarom bevalt hij goed in een appartement.
Loopt de hoeken na
Rattenwerk was de helft van het contract en het instinct is intact. Geef hem een heg, een houtstapel of een schuurtje en hij zoekt ze fatsoenlijk uit, meteen ook de goedkoopste manier om hem moe te krijgen.
Het gezicht ís het ras
Baard, snor en ruige wenkbrauwen die over de ogen mogen vallen zolang ze het zicht niet blokkeren. De standaard noemt die garnering zeer kenmerkend, en het is het eerste waar een keurmeester naar kijkt en het eerste wat een onzorgvuldige trimmer weghaalt.
Gezondheid
Voor zover een screeningsonderzoek van de Universiteit Utrecht het kon vaststellen, is de Smoushond een echt gezond hondje: dat onderzoek vond niets erfelijks dat ernstig genoeg was om een verplicht testpakket te rechtvaardigen, en de Nederlandse club schrijft er dan ook geen voor. Bij dit ras is de echte vraag geen ziekte maar de genenpoel. Alles wat nu leeft gaat terug op een handvol honden die in de jaren zeventig via krantenadvertenties werden gevonden, dus het getal dat telt is het inteeltpercentage van het nest. Vraag de Stichting Terugfokprogramma naar dat getal voor een gepland nest, want daar draait het bij dit ras echt om, en niet om een heupuitslag.
Voeding
| Beweging | Ongeveer een uur per dag, verdeeld, met snuffelen en zoeken in plaats van kilometers. Hij heeft meer uithoudingsvermogen dan zijn formaat doet vermoeden maar hoeft niet te rennen: lange wandelingen, een sleeplijn in ruig terrein en zoeken naar verstopt voer dekken het. |
| Verzorging | Twee keer per jaar met de hand trimmen. Het dode dekhaar wordt met de hand uitgeplukt terwijl de ondervacht blijft zitten, en zo'n beurt kost een paar uur. Laat hem er tussendoor met rust, afgezien van het langere haar op klitten controleren. Een tondeuse knipt het harde haar door in plaats van het te verwijderen, waardoor de structuur zachter wordt en de kleur uitwast, en dat herstelt zich niet vanzelf. |
| Training | Belonen, korte sessies, geen druk. Hij pikt dingen snel op en wil in je buurt zijn, dus het meeste gaat vanzelf. Zijn hier-komen bij knaagdieren in de buurt is de uitzondering en blijft onbetrouwbaar: houd een sleeplijn aan waar wild zit. |
| Gezondheid | Een screeningsonderzoek van de Universiteit Utrecht vond niets erfelijks dat een verplicht testpakket rechtvaardigt, dus de Nederlandse club schrijft er ook geen voor. Het levende vraagstuk is de smalle stamouderbasis: vraag de Stichting Terugfokprogramma naar het inteeltpercentage van een gepland nest, want dat is het getal waar dit ras echt op stuurt. |
Een kleine hond met een navenant bescheiden eetlust: de Smoushond is een wandelaar, geen atleet, en verbrandt zijn voer niet zoals een werkende jachthond. Geef een goed compleet voer in afgemeten hoeveelheden, tel de snacks die je voor rattenspelletjes en terugkomen uitdeelt mee in het dagtotaal, en houd een taille die je onder al die vacht voelt. De ruige lijn verbergt gewicht goed, dus ga af op je handen op de ribben en niet op het oog.
Puppygids
Een Smoushondpup komt uit een heel klein ras, dus hij komt meestal via één Nederlandse wachtlijst in plaats van een nestje om de hoek, en de belangstelling voor alles wat klein en harig is, staat al aan. Socialiseer hem vroeg en rustig: het ras is gevoelig voor toon, en een pup die ruw wordt aangepakt wordt wantrouwig in plaats van zelfverzekerd. Laat hem jong wennen aan bezoek, andere honden en alledaags lawaai, leer hem betrouwbaar terugkomen voordat de rattendrift helemaal wakker wordt, en laat de harde vacht met rust, afgezien van een controle op klitten, want het eerste echte trimmen kan wachten.
Training
Blijf vriendelijk en houd het kort. De Smoushond leert snel en wil in je buurt zijn, dus het meeste van de dagelijkse manieren gaat vanzelf, en je stem verheffen zet je alleen maar terug: dit is een hond die je toon leest en onder druk dichtklapt. De enige eerlijke uitzondering is terugkomen in de buurt van wild. Het stalratteninstinct is intact, en een heg of een wegschietend konijn wint het van je, dus houd een sleeplijn aan waar iets te achtervolgen valt.
Levensverwachting
Hollandse Smoushonden worden 13–14 jaar, vaak langer oud. Het is een langlevend hondje, en veel halen het bovenste eind van die reeks en meer. Er is geen rasgebonden ziekte die het getal omlaag trekt, dus wat een Smoushond op de been houdt is gewoon: een slank gewicht, schone tanden en oren, genoeg dagelijkse wandeling en snuffelwerk om fit te blijven, en een fokker die het inteeltpercentage bewaakt, zodat de hele populatie net zo gezond blijft als de hond voor je.
Vergelijkbare rassen
Rassen met een vergelijkbare bouw en achtergrond — de moeite waard als dit ras net niet past.
Rassen met dit uiterlijk
Veelgestelde vragen
Hoe kom je aan een pup?
Via één wachtlijst, en niet snel. Vrijwel het hele ras leeft in Nederland, en pups lopen via de wachtlijst van de Stichting Terugfokprogramma Hollandse Smoushond in plaats van via losse kennels. De door de stichting zelf gepubliceerde wachttijd ligt rond de drie jaar voor een reu en vier voor een teef, voor mensen die hier al wonen. Buiten Nederland valt af en toe een nest, in enkele exemplaren. Woon je in het buitenland, dan is dit een ras waarvoor je je op een lijst zet en jaren wacht, of waarvan je eerlijk afziet.
Moet de vacht met de hand getrimd worden?
Ja, twee keer per jaar, en het is geen keuze als je de vacht wilt die de standaard beschrijft. Het haar is ruw, draadhard en 4 tot 7 cm lang over een zachte ondervacht; trimmen trekt de dode dekharen eruit zodat er nieuwe harde voor terugkomen. Knippen snijdt ze door, en wat terugkomt is zachter, bleker en klitgevoelig. Je kunt het jezelf in een paar sessies aanleren, of naar een trimmer gaan die terriërvachten plukt. Tussen de trimbeurten door heeft de hond bijna niets nodig, en in bad is zelden de moeite waard.
Is de Smoushond van nu dezelfde hond als de oude?
Niet in afstamming. De oorspronkelijke lijn eindigde met het nest van 1949, en de FCI-standaard zegt met zoveel woorden dat de reconstructie van 1973 begon met kruisingen die op de oude Hollandse Smoushond leken: dieren die op oproepen in de krant afkwamen, gekozen op uiterlijk en type in plaats van op stamboom. Wat er nu is, is een ras dat is nagebouwd naar een geschreven beschrijving van een hond die verdwenen was. Het is een echt, ingeschreven, door de FCI erkend ras met een eigen stamboek, en het is ook een reconstructie. Allebei waar, en de Nederlandse club heeft nooit anders beweerd.
Verhaart de Hollandse Smoushond veel?
Weinig. De Hollandse Smoushond verhaart weinig, dus er blijft nauwelijks los haar door het huis liggen. Regelmatige verzorging heeft hij nog steeds nodig, maar je hoeft niet tegen plukken haar te vechten.
Is de Hollandse Smoushond hypoallergeen?
Geen enkele hond is echt hypoallergeen, maar de Hollandse Smoushond komt dichterbij dan de meeste: zijn vacht verhaart weinig en geeft dus minder van de huidschilfers af die allergieën uitlokken. Veel mensen met een allergie komen prima uit met dit ras, maar breng er eerst wat tijd mee door voordat je de knoop doorhakt.
Is de Hollandse Smoushond goed met kinderen?
Over het algemeen wel. De Hollandse Smoushond is een vriendelijk, mensgericht ras dat het meestal goed doet met kinderen als hij goed is opgevoed en gesocialiseerd. Zoals bij elke hond: leer kinderen om zacht te doen en houd toezicht bij peuters.
Is de Hollandse Smoushond makkelijk te trainen?
Redelijk. De Hollandse Smoushond is met consequentie en beloningen goed te trainen, al is hij niet de snelste leerling. Houd de sessies kort en positief en heb geduld met de basis, zoals het terugroepen.